Wervelkolomgerelateerde pijnklachten van de lage rug

Veel mensen hebben last van lage rugpijn. In verreweg de meeste gevallen wordt bij onderzoek geen specifieke lichamelijke afwijking gevonden die de pijn met zekerheid verklaart. Het heet dan: aspecifieke lage rugpijn.

Pijnstillers en oefentherapie geven in het algemeen voldoende verlichting van de pijn. Is dat niet het geval, dan kan behandeling door een pijnspecialist overwogen worden.
Deze folder informeert u over de klachten en behandelmogelijkheden bij facetpijn, sacro-iliacale gewrichtspijn, coccygodynie, discuspijn en het zogenoemde ‘Failed Back Surgery Syndrome’.

Wat betekent ‘specifieke’ en ‘aspecifieke’ lage rugpijn?

De klachten bij lage rugpijn 
De oorzaken van lage rugpijn
Mogelijke behandeling
Informatie over facetpijn
Informatie over sacro-iliacale gewrichtspijn
Informatie over coccygodynie
Informatie over discogene lage rugpijn
Informatie over het Failed Back Surgery Syndrome
Wat u zelf kunt doen om rugklachten te voorkomen
Heeft u nog vragen?
Maak meer wetenschappelijk onderzoek mogelijk
Orthopedie: zorg voor beweging
Colofon

Wat betekent ‘specifieke’ en ‘aspecifieke’ lage rugpijn?
Specifieke lage rugpijn is bijvoorbeeld pijn door een hernia. Of pijn door een tumor of een infectie. In deze gevallen staat vast wat de oorzaak is van de pijn. 

Maar bij de meeste mensen is het niet duidelijk waardoor zij pijn in hun rug voelen. Het is bekend dat bijvoorbeeld stress samen kan gaan met rugpijn. Vaak zijn dan op een röntgenfoto of MRI-scan tekenen van slijtage te zien. Maar dat kan ook gezien worden bij mensen zónder rugklachten. Daarom spreken we dan van aspecifieke lage rugpijn.

De klachten bij lage rugpijn 
Lage rugpijn bevindt zich onderin de rug. Dit heet het lumbale deel van de rug, of de lendenen.
Bij sommige mensen straalt de pijn uit naar één of beide benen.

Aanduiding lage rugpijn

De oorzaken van lage rugpijn
Zoals eerder genoemd: bij verreweg de meeste mensen met lage rugpijn wordt geen specifieke lichamelijke afwijking gevonden die de pijn verklaart.

Mogelijke behandeling
Bij aspecifieke lage rugpijn geven reguliere ontstekingsremmende pijnstillers (de zogenaamde NSAID’s) en oefentherapie meestal voldoende verlichting. Ook een korset kan helpen, of een oefenprogramma onder leiding van een revalidatiearts. Dit zijn vormen van de zogenaamde ‘conservatieve’ behandeling, dus zonder ingrepen als een injectie of een operatie.
Voor een aantal mensen blijkt dat niet voldoende te zijn. Gerichte pijnbestrijding kan soms helpen. Dan verdooft de pijnspecialist bijvoorbeeld heel gericht een zenuw, zodat u de pijn niet meer voelt.
Voor de rugklachten zoals beschreven in deze folder, onderzoeken pijnspecialisten in Nederland momenteel of de huidige behandelmethoden voldoen en wat de beste behandelmethode is. Het is voor u belangrijk om te weten dat er momenteel nog niet altijd voldoende wetenschappelijk bewijs is voor een voorspelbaar positief effect van de huidige pijnbehandelingsmethoden.

[naar boven]

Informatie over facetpijn
Wat is het
De ruggenwervels zijn aan de achterzijde via gewrichtjes onderling met elkaar verbonden. Dat zijn de facetgewrichtjes. Door slijtage, bijvoorbeeld artrose, kunnen deze gewrichtjes en/of hun omliggende weefsels (het gewrichtskapsel) geïrriteerd raken, gaan ontsteken of pijnlijk zijn.

Welke klachten
Rugpijn onderin de rug zonder uitstraling naar de benen zou eventueel kunnen wijzen op facetpijn.

Hoe stelt de arts de diagnose
De arts kan op een röntgenfoto bekijken of er iets mis is met de wervel en/of een facetgewricht.
Een MRI-scan laat zien of er vocht in het gewricht zit; dat wijst op een ontsteking. Eventueel kan een pijnspecialist een zogenoemde proefblokkade’ doen. Daarbij wordt het gewricht tijdelijk verdoofd om te kijken of de pijn daadwerkelijk vanuit het facetgewricht afkomstig is.

Welke behandeling wordt nu onderzocht
Gewone pijnstillers en oefentherapie zijn de eerste keuze. Helpt dit niet, dan kan de pijnspecialist eventueel de pijnvezels in en rondom het facetgewricht uitschakelen. Dat gebeurt met de zogenoemde ‘facet denervatie’ waarbij kleine warmtestroompjes de pijnzenuwvezels rondom het facetgewricht uitschakelen.

Informatie over sacro-iliacale gewrichtspijn
Wat is het
Sacro-iliacale gewrichtspijn is pijn die voortkomt uit de verbinding tussen het heiligbeen (Latijnse naam: os sacrum) en het darmbeen (os illium) van het bekken. Op de botten in bekken en heup werken veel krachten omdat er veel spieren, banden en pezen aanhechten. Het sacro-illiacale gewricht is hierdoor gevoelig voor overbelasting.

Welke klachten
Vooral pijn bij beweging. Hoe groter de belasting, hoe pijnlijker. In rust is de pijn minder.
Is de pijn juist erger tijdens rust en wordt het minder bij bewegen, dan kan er sprake zijn van een (reumatische) ontsteking. Meer informatie hierover vindt u op de website van het Reumafonds.

Hoe stelt de arts de diagnose
De arts vraagt waar en wanneer u pijn voelt. Bij lichamelijk onderzoek test de arts waar en wanneer u pijn voelt in het sacro-illiacale gewricht om zo de pijnoorzaak te achterhalen.
Eventueel kan een pijnspecialist een zogenoemde ‘proefblokkade’ doen. Daarbij worden de pijnzenuwen van het SI-gewricht tijdelijk verdoofd om te kijken of de pijn dan tijdelijk verdwijnt.

Welke behandeling wordt nu onderzocht
Gewone pijnstillers en oefentherapie zijn de eerste keuze. Helpt dit niet, dan kan de pijnspecialist eventueel de pijnvezels in en rondom het sacro-illiacale gewricht uitschakelen. Heel kleine warmtestroompjes schakelen de pijnzenuwvezels uit.
Een injectie met corticosteroïden kan eventueel helpen bij een ontsteking.

Informatie over coccygodynie
Wat is het
Coccygodynie is een pijnlijke aandoening van het staartbeen (Latijnse naam: os coccygis). Door een val op het stuitje kan het bot gebroken zijn of zwaar gekneusd. Ook na een bevalling kan het bot blijvend pijnklachten geven. Op het staartbeen hechten pezen van de rugspier en gewrichtsbanden van de wervelkolom aan. Die pezen en banden oefenen druk uit op het bot. Ook hierdoor kan pijn ontstaan. Maar meestal ontstaat coccygodynie zonder duidelijk aanwijsbare oorzaak.

Welke klachten
Pijn ter hoogte van het stuitje. Vooral zitten en fietsen is pijnlijk.

Hoe stelt de arts de diagnose
Als de arts het stuitje en/of het omringende gebied onderzoekt, is dat pijnlijk. Op een röntgenfoto is te zien of het staartbeen gebroken is. Een MRI-scan maakt een eventuele ontsteking zichtbaar.

Welke behandeling wordt nu onderzocht
Gewone pijnstillers en oefentherapie zijn de eerste keuze. Een ringkussen voorkomt bij zitten de pijnlijke druk op het staartbeen. Helpt dit niet, dan kan de pijnspecialist eventueel bij het staartbeen heel gericht anesthetica injecteren: een pijnverdovend middel.
Een injectie met corticosteroïden kan eventueel helpen tegen een ontsteking.

Informatie over discogene lage rugpijn
Wat is het
Tussen twee wervels bevindt zich een tussenwervelschijf (ook discus intervertebralis genoemd). Tussenwervelschijven zorgen voor een flexibele en toch belastbare wervelkolom.
De tussenwervelschijf bestaat uit een flexibele ring (Latijnse naam: annulus fibrosus) rondom een zachte kern (nucleus pulposus). Deze structuren kunnen slijten: de discus droogt dan uit en zakt een beetje in. Daardoor puilt soms materiaal van de kern naar buiten. De kans bestaat dat zo’n bobbel tegen een zenuw duwt; dat is een hernia. Maar ook zonder rechtstreeks een zenuw te irriteren, kan er pijn ontstaan. De slijtage van de tussenwervelschijf veroorzaakt namelijk vaak een ontsteking en er kunnen kleine zenuwuiteinden in groeien die bij beweging geprikkeld worden.

Welke klachten
De pijn is vooral voelbaar bij beweging. Bijvoorbeeld: na bukken is het pijnlijk om overeind te komen. We spreken dan ook wel van: mechanische lage rugpijn.

Hoe stelt de arts de diagnose
Als een tussenwervelschijf wat is ingezakt, laat een röntgenfoto zien dat de ruimte tussen twee wervels kleiner is geworden. Deze röntgenfoto is ook waardevol om andere oorzaken van pijn uit te sluiten, zoals een wervelbreuk.
Een MRI-scan laat zien dat de tussenwervelschijf is uitgedroogd. Eventuele scheurtjes worden ook zichtbaar. Dit beeld heeft als meerwaarde dat het specifieke aandoeningen van de tussenwervelschijf uit kan sluiten.

Welke behandeling wordt nu onderzocht
Gewone pijnstillers, oefentherapie en zo nodig een korset zijn de eerste keuze. Dat geldt ook voor een gericht oefenprogramma onder leiding van een revalidatiearts. Deze training moet ervoor zorgen dat het lichaam steeds weer wat meer belasting aankan. Deze trainingsperiode heeft vaak veel tijd nodig voor het gewenste effect. Helpt de training niet, dan kan een operatie overwogen worden. Hierbij worden twee of meer ruggenwervels vastgezet. Dit heet: spondylodese. Het effect hiervan is helaas onvoorspelbaar.
Eventueel kan de pijnspecialist  IDET overwegen: IntraDiscal Electrothermal Therapy. Met warmtestroompjes vernietigt deze behandeling de zenuwuiteinden in de tussenwervelschijf. De effectiviteit van deze behandeling is echter niet voldoende bewezen.

Informatie over het Failed Back Surgery Syndrome
Wat is het
Na een rugoperatie kunnen klachten deels blijven bestaan en soms ontstaan nieuwe pijnklachten. Tezamen heet dit het Failed Back Surgery Syndrome. Belangrijk om te weten: de benaming ‘failed’ hoeft niet te betekenen dat de rugoperatie niet is geslaagd.

Welke klachten
De klachten zijn heel divers, met vaak zowel rug- als beenpijn.

Hoe stelt de arts de diagnose
Het is niet eenvoudig deze diagnose te stellen. Een gesprek met u over wanneer en waar u pijn voelt, een beweegtest, een röntgenfoto en/of MRI-scan geven wellicht meer duidelijkheid.

Welke behandeling wordt nu onderzocht
Ook bij het Failed Back Surgery Syndrome zijn gewone pijnstillers, oefentherapie en een korset de eerste keuze. Helpt dit niet, dan volgt meestal een verwijzing naar de pijnspecialist. Wellicht biedt neuromodulatie een oplossing. Hierbij wordt de pijnprikkeloverdracht door de zenuwen die leiden tot de gewaarwording van pijn beïnvloed, zodat u de pijn minder voelt.

[naar boven]

Wat u zelf kunt  doen om rugklachten te voorkomen
In het voorkomen van rugpijn kunt u zelf een rol spelen:

  • Zorg dat u in een goede conditie bent door oefeningen of sporten;
  • Zorg dat u lichamelijk en geestelijk in balans bent;
  • Signaleer tijdig wanneer het u lichamelijk of geestelijk teveel wordt.
     

Heeft u nog vragen?
Als u nog vragen heeft, neem dan contact op met uw behandelend arts.

Zie ook de NOV-folder over aspecifieke lage rugpijn.

Maak meer wetenschappelijk onderzoek mogelijk
Iedereen die klachten heeft (gehad) aan botten, gewrichten, spieren of pezen, weet hoe deze klachten je beperken in het dagelijks leven. Wetenschappelijk onderzoek draagt bij aan verdere verbetering van bestaande behandelingen en leidt tot nieuwe behandelmogelijkheden.
U kunt dit wetenschappelijk orthopedisch onderzoek steunen via de Stichting Anna Fonds|NOREF, het Nederlands Orthopedisch Research en Educatie Fonds.
Zie www.annafonds.nl of bel (071) 523 22 24.

Orthopedie: zorg voor beweging
De orthopedisch chirurg houdt zich binnen de geneeskunde bezig met de behandeling vanpatiënten die problemen hebben met hun bewegingsapparaat. Daaronder vallen alle beenderen, gewrichten en spieren met pezen. Een behandeling leidt in de regel tot pijnvermindering en verbetering van de functie van bijvoorbeeld schouder, knie, heup of rug. Het uiteindelijke doel van orthopedie is dat u meer bewegingsvrijheid krijgt.

Colofon
Deze folder is gemaakt onder auspiciën van de Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV), met dank aan de Dutch Spine Society.
De tekst is gebaseerd op de Richtlijn Wervelkolomgerelateerde pijnklachten van de lage rug van de Nederlandse orthopedisch chirurgen en de Nederlandse anesthesisten.

Deze folder is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kan geen enkel recht worden ontleend aan de inhoud hiervan. De NOV aanvaardt geen aansprakelijkheid voor onjuistheden.

Wijzigingen en aanvullingen kunnen op elk moment en zonder voorafgaande aankondiging worden aangebracht.

Alle rechten voorbehouden. Copyright © 2013, NOV, ‘s-Hertogenbosch

[naar boven]