Artroscopie van de knie (kijkoperatie)

Als u een aandoening in uw knie heeft, kan de orthopedisch chirurg een artroscopie adviseren. Dit heet ook wel een ‘kijkoperatie’. Deze naam klopt niet helemaal, want het doel van de artroscopie is niet alleen om in een gewricht te kijken, maar ook om de klachten zo mogelijk direct te verhelpen. Een andere naam is ‘knoopsgatoperatie’ omdat de ingreep met kleine instrumenten werkt waardoor slechts kleine sneetjes in de huid nodig zijn.
Deze folder informeert u over de mogelijkheden van een artroscopie bij knieklachten.

De knie
Waarom een artroscopie?
Wanneer is direct een behandeling mogelijk?
De orthopedisch chirurg adviseert een artroscopie. Wat betekent dat voor u?
Welke complicaties kunnen optreden?
Wanneer moet u met de behandelend arts contact opnemen?
Heeft u nog vragen?
Maak meer wetenschappelijk onderzoek mogelijk
Orthopedie: zorg voor beweging
Colofon

De knie
De knie is een scharniergewricht. Hij bestaat uit twee botdelen: het scheenbeen en het dijbeen. De botuiteinden zijn bedekt met een laagje kraakbeen. Deze laag is elastisch en vangt schokken en stoten op, zodat de knie soepel beweegt.
Tussen de botuiteinden zit de meniscus als een soort stootkussen.
In het kniegewricht bevinden zich de voorste en achterste kruisband. Deze kruisbanden zorgen ervoor dat de botten van het dij- en scheenbeen niet teveel verschuiven ten opzichte van elkaar.
Aan de voorzijde van de knie zit de knieschijf. Hier overheen loopt de pees van de dijbeenspier, die op het scheenbeen aanhecht en ervoor zorgt dat het been strekt.
Om het gewricht zit een gewrichtskapsel van bindweefsel. De verdikkingen hierin zijn de gewrichtsbanden die ook bijdragen aan de stabiliteit van het gewricht.

Waarom een artroscopie?
De orthopedisch chirurg kan met een artroscopie beter vaststellen wat er mis is in de knie: is er sprake van scheuren in de meniscus of kruisbanden, losse stukjes bot of kraakbeen, beschadigingen aan het kraakbeen of slijmvliesontsteking.
In de meeste gevallen volgt de behandeling direct. Het herstel na een kijkoperatie verloopt doorgaans vlot. De mate van kniebelasting na een kijkoperatie is afhankelijk van de behandeling.
Meestal kunt u uw knie na de operatie meteen belasten.

Wanneer is direct een behandeling mogelijk?
Bijvoorbeeld een scheur in de meniscus leent zich bij uitstek voor een artroscopische behandeling. De orthopedisch chirurg verwijdert het beschadigde deel van de meniscus. Het deel dat intact is, blijft op zijn plaats. Als de scheur in het beter doorbloede gedeelte van de meniscus ligt, kan de meniscus soms gehecht worden. Via een artroscopie kan de orthopedisch chirurg ook losse stukjes kraakbeen en bot weghalen.
Een scheur in een kruisband kan niet direct worden behandeld. Een tweede ingreep kan hiervoor noodzakelijk zijn (zie ook de folder 'Voorste kruisband reconstructie').

De orthopedisch chirurg adviseert een artroscopie. Wat betekent dat voor u?
De voorbereiding op de operatie
De operatie gebeurt onder algehele narcose of met een ruggenprik. U bespreekt uw keuze met de anesthesist.

De operatie
De ingreep duurt ongeveer een half uur.
De orthopedisch chirurg maakt aan de voorzijde van de knie twee of drie sneetjes. Vervolgens brengt de hij de artroscoop in de knie: een dunne kijker met een daarop aangesloten lichtkabel. De artroscoop wordt ook aangesloten op een videocamera en een beeldscherm. Via een aparte aan- en afvoeropening in de knie wordt het gewricht voortdurend gespoeld met een zoutwateroplossing. De orthopedisch chirurg brengt tijdens de operatie zonodig een tangetje of schaartje in het gewricht voor de behandeling.
Na de ingreep worden de operatiesneetjes gehecht of afgedekt.
Als de aandoening niet via de artroscopie te behandelen is, kan de orthopedisch chirurg tijdens de operatie besluiten om een grotere snee in de knie te maken. De nabehandeling kan dan langer duren.

Nabehandeling
Na een eenvoudige artroscopische ingreep kunt u meestal dezelfde dag naar huis. Soms hebt u een pijnstiller nodig, paracetamol is dan vaak voldoende.
U mag de knie buigen en u mag lopen, maar met mate. De eerste twee tot drie dagen kunt u beter geen wandelingen maken. Krukken zijn alleen nodig op voorschrift van de orthopedisch chirurg.
Als uw meniscus gehecht is. mag u de eerste 6 weken de knie niet verder buigen dan 90 graden.

Het verband kan na enkele dagen worden verwijderd, waarna u ook mag douchen.
Een week na de operatie kunt u zelf de pleisters verwijderen.
Na genezing zijn de huidwondjes vaak nog dik. Dit komt doordat het onderliggende gewrichtskapsel ook geopend is geweest en dat heeft iets meer tijd nodig om te genezen. Dit vraagt 3 tot 4 weken.

De poliklinische controle vindt plaats enkele weken na de ingreep, op advies van uw orthopedisch chirurg.
Als het nodig is, krijgt u fysiotherapie. Vaak is zelf oefenen voldoende. Uw arts zal u adviseren de eerste week bijvoorbeeld 5 maal per dag het bovenbeen in zittende houding (op de tafelrand of in een rechte stoel) 10 tot 15 maal 5 seconden lang stevig aan te spannen.

Welke complicaties kunnen optreden?
Bij een artroscopie treden zelden complicaties op.
In een enkel geval kan er sprake zijn van langdurige en forse zwelling, bloeding in de knie of gewrichtsontsteking. Hoogst zelden ontstaat een trombosebeen: er is dan een bloedstolsel gevormd dat een ader in het been verstopt.

Wanneer moet u met de behandelend arts contact opnemen?
Neem contact op met uw behandelend arts als:

  • de hele knie dik wordt en/of meer pijn gaat doen;
  • u niet meer op het been kunt staan, terwijl dit eerder goed mogelijk was;
  • bij koorts > 38,5 ºC;
  • bij een dik, warm, rood en pijnlijke kuit (tekenen trombosebeen).

[boven]

Heeft u nog vragen?
Als u nog vragen heeft, neem dan contact op met uw behandelend arts.

Maak meer wetenschappelijk onderzoek mogelijk
Iedereen die klachten heeft (gehad) aan botten, gewrichten, spieren of pezen, weet hoe deze klachten je beperken in het dagelijks leven. Wetenschappelijk onderzoek draagt bij aan verdere verbetering van bestaande behandelingen en leidt tot nieuwe behandelmogelijkheden.

U kunt dit wetenschappelijk orthopedisch onderzoek steunen via de Stichting Anna Fonds|NOREF, het Nederlands Orthopedisch Research en Educatie Fonds.
Zie www.annafonds.nl of bel (071) 523 22 24.

Orthopedie: zorg voor beweging
De orthopedisch chirurg houdt zich binnen de geneeskunde bezig met de behandeling van patiënten die problemen hebben met hun bewegingsapparaat. Daaronder vallen alle beenderen, gewrichten en spieren met pezen.
Een behandeling leidt in de regel tot pijnvermindering en verbetering van de functie van bijvoorbeeld schouder, knie, heup of rug. Het uiteindelijke doel van orthopedie is dat u meer bewegingsvrijheid krijgt.

Colofon
Deze folder is gemaakt onder auspiciën van de Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV), in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Arthroscopie (NVA; www.scopie.info).
Deze folder is met de grootst mogelijke zorg samengesteld. Desondanks kan geen enkel recht worden ontleend aan de inhoud hiervan. De NOV en NVA aanvaarden geen aansprakelijkheid voor onjuistheden.
Wijzigingen en aanvullingen kunnen op elk moment en zonder voorafgaande aankondiging worden aangebracht.
Alle rechten voorbehouden. Copyright © 2012, NOV, ‘s-Hertogenbosch

[boven]